(naamloos)

“Do not hold back because of restrictions, break them and experience the world beyond.”

-STEFANIES.

Advertenties

#232

Het rook er naar olie en metaal. Ze stak haar tong tussen haar lippen, maar werd tegengehouden. Het proefde vreemd; chemisch en plakkerig. Touw schaafde haar polsen en ze lag op een harde ondergrond. Een zwarte menselijke vorm bewoog door de kamer.
“Hé Maaike,..”
Haar blinddoek verdween en ze keek in het overbekende gezicht van haar ex. Felix! De uitroep kwam als een laag gebrom uit haar mond.
“…nu kunnen we eindelijk spelen zoals jij altijd wilde.”
De zweep knalde. Haar huid sprong open. Een seconde later floot de zweep weer. Gillen had geen zin, maar ze probeerde het wel.

#231

Blauwpaars was de nachtelijke hemel waarnaar ik lag te kijken. Wolken, grauwgrijs en hoog, dreven voor de sterren en de maan.
Bij iedere ster, die in een helder stukje hemel tevoorschijn kwam, deed ik een wens. En elke keer wenste ik hetzelfde, “geef mij nog eenmaal de kracht”.
De maan bleef met me flirten. Verleidde me tot het zien van schoonheid in het duister en trok me aan als het lichtbaken van een vuurtoren in een stormachtige nacht.
Moest ik kiezen? Of zou het universum voor mij kiezen? Wilde ik nog langer een keus kunnen maken?
Oranje besloeg het ochtendgloren.

#230 Sinterklaasje, bonne bonne bonne

“Kijk mama, die wil ik! En ik ben het heeeeeeeele jaar lief geweest.”
Ze grinnikte toen ze haar zoon zo hoorde slijmen. Afgelopen maand was het Sinterklaas dit en Sinterklaas dat geweest. Ze had hem ‘Daarginds komt de stoomboot’ meer dan eens horen neuriën en het Intertoysboekje had hij van voor tot achter uitgeplozen.
“Prachtige brandweerwagen, Simon. Print ‘m maar uit.”
“Mahaaaam! Tss… Mama is écht oud. Kijk, ik kan hem gewoon zo aanklikken,” met zijn wijsvinger tikte hij op het touchscreen van de tablet, “en dan staat het op mijn verlanglijstje. Sinterklaas krijgt dan een e-mailtje.”
Ja, echt oud…

#229

Een echte knaller was het dit keer.
Dát luchtte op… Hij ging recht zitten, pakte zijn lepel en at genietend verder van zijn bord bruinebonensoep.
“Nou… dat… dat kan…”
“Nee, dat kan écht niet!”
“Mama! Hoorde mam dat? Hahaha! Die van jou zijn ook altijd zo hard.”
De man, die zich niets aantrok van alle commotie, at zijn bord leeg met een laatste snee geroosterd brood. Bij het opruim-rek voelde hij nog één opkomen, een zachte. Met volle buik liep hij de Hema uit en zag door het raam van het restaurant de één na de ander zijn neus dichtknijpen.

#228

Het was als een sprong in het diepe. Geen grond onder de voeten. Geen houvast. Het hart bleef maar tekeergaan en af en toe leek het alsof ademhalen de moeilijkste bezigheid op aarde was. Gedachten gingen alle kanten op; van uitgelaten, naar onzeker, naar dromerig en opnieuw uitgelaten. Het was een sprong in het diepe, een sprong die ze samen maakten. Hand in hand begeleiden ze elkaar als blinden. Beleefden ze elkaar op de enige manier waarop een doofstomme en blinde iemand anders kon beleven. Met het vertrouwen dat ballerina en ballerino pas samen behaalden na hun duizendste grand jeté. 

Eén-en-driekwart-been

Drie trappen op en ze was kapot. Eenmaal op de sofa geïnstalleerd, viel ze met haar hoofd op de schoot van Thaeke, haar vriendje, in slaap. Een dutje werd een paar uur slaap en eenmaal wakker was ze nog moe.

Door de wintermaanden heen deed haar enkel steeds meer pijn. Had ze weer last van platvoeten? Op een avond hield Thaeke haar voet vast zodat ze wat kon ontspannen, zonder steun deed het pijn.
“Ga je wel even naar de dokter?” vroeg hij. “Je achillespees is warm, misschien een ontsteking.”

Weken na de ontstekingsremmers liep ze op krukken de dokterspraktijk binnen.
“Loop je nu nog steeds op krukken, of alweer?”
“Nog steeds,” zei ze en liet haar dikke enkel zien.
“Dat wordt een röntgenfoto,” was het antwoord.

Ze onderging röntgenfoto’s, van haar voet en haar longen. Er volgden MRI’s, een punctie en onderzoeken met contrastvloeistof. Anderhalf maand later lag ze op de operatietafel.
“De tumor was toch groter dan we hadden verwacht, ongeveer driekwart van je enkelgewricht was weg, dat hebben we opgevuld met cement. We hebben goede hoop dat er geen cellen zijn achtergebleven,” bracht de chirurg verslag uit.
Met opluchting en een gipspoot reed haar moeder haar in een rolstoel het ziekenhuis uit.

“Ik voel ze weer, de beestjes eten,” zei ze tegen Thaeke, ouders en schoonouders. De röntgenfoto was schoon, maar ze hield vol en niet veel later zat ze met haar been in een MRI, met haar broer naast zich.
“Het moet opnieuw weggehaald worden. Maar je kunt kiezen,” zei de chirurg tijdens de telefoonafspraak, “een lichte ‘chemokuur’ van twaalf maanden en twee operaties, of een amputatie.”

“De tumor zou steeds terug blijven komen en dat kan nu niet meer. De juiste keus is gemaakt, maar ik zou er wat voor geven…” haar stem stierf weg.

Wekelijkse autobiografische schrijfopdracht van Schrijven Online: Een brandwond uit je jeugd, je eerste tattoo die je nam onder aansporing van je eerste vriendje, een witte streep op je huid van die val uit de klimboom, maar ook dat litteken onder je borst. Je huid is één groot fotoboek met sporen van ervaringen die je in je leven hebt opgedaan. Maak voor jezelf een lijstje van herinneringen die aan je huid af te lezen zijn. Kies er eentje waarvan je het verhaal erachter in een tekst van maximaal 300 woorden vertelt.

#227

“Roelof! Roelof, wordt wakker!” Zijn ogenleden trillen. “Liefje,” ik grijp zijn schouder en schud eraan, “je hebt een nachtmerrie.” Met een schreeuw gaat hij rechtop zitten en kijkt met glazige ogen de kamer rond. Het dierlijke geluid dat uit zijn keel opstijgt als hij mij naast hem ziet zitten, doet me denken aan een noodkreet. Een seconde later ligt hij in mijn armen, voel ik zijn tranen en hete adem in mijn nek.
“Nick, s-sorry…”
Ik schud mijn hoofd al voordat hij de verontschuldiging helemaal kan uiten. “Shhh,” zeg ik en grijp hem net zo stevig vast als hij mij.