The girl in the ice

Het meisje in het ijs is het eerste boek uit de serie met detective Erika Foster, geschreven door Robert Bryndza.

Wie van thrillers/detectives houdt, zit met dit boek goed. Het was mijn eerste ervaring met een Robert Bryndza boek en ik zal zeker de rest van deze serie lezen.
In het boek maak je kennis met detective Erika Foster. Naast het onderzoek dat zij doet, gaat de schrijver ook in op haar verleden en hoe zij zich voelt, waardoor je een bepaalde band met haar opbouwt.
Niet alleen de rode draad die in het verhaal zit, maar ook het zoeken-naar-de-moordenaar op zich is leuk. Het boek zorgt ervoor dat je zelf blijft nadenken, wie kan het hebben gedaan? Zelf vind ik dat prettig aan een boek. Toen de dader uiteindelijk ontmaskerd werd, was dat ook voor mij nog een verrassing; dat vind ik vaak het leukst.

Het verhaal gaat over een jonge vrouw, die behoorlijk bekend is, en dood wordt aangetroffen onder/in het ijs. Erika Foster, een detective die na de dood van haar man een tijd uit het werkleven is gestapt, wordt opgeroepen en krijgt de leiding over het onderzoek. Toch voelt zij dat ze niet helemaal de leiding heeft, want zodra zij anders denkt/vind/onderzoekt dan de hoge pief -en de vader van het slachtoffer- wordt haar de mond gesnoerd. Stug gaat Erika verder met het onderzoek, al dan niet met volledige instemming van haar werkgever. 


Dit boek heeft van mij 4 van de 5 sterren gekregen.

Advertenties

Eind april

Je hoort hun pootjes schrapen in de dakgoot,
van ’s ochtends vroeg tot donker,
net als het gelach van de kinders,
die genieten van de lente.

Ja, lente is gekomen,
met zijn gele vlinders
en zoemende bijen.

Voor zovelen onder ons,
brengt de zon niet alleen nieuw leven.
Maar ook een nieuw kans,
na de duistere winter.

© Stefanie Schaap

Geschreven op zaterdag 21 april 2018

Afbeelding van Pinterest.

Onderbroken slaap

‘Wie-wie is daar?’ In de duisternis lichtte de witte slaapmuts, die in een lange punt over zijn schouder viel, op. Zijn blik schoot links- en rechts door de kamer.
De gedaante had hem ontspannen horen snurken, zag nu zijn opengesperde ogen. De slaapmuts die tot over zijn oren viel, deed hem gemeen grinniken.
‘Kom tevoorschijn, als je durft!’ riep hij met schrille stem het duister tegemoet. Hij greep de rand van de witte wollen deken in zijn vuisten en bracht het tot onder zijn kin.
‘U spreekt over durf die u zelf niet bezit, meneer de burgemeester.’
‘Wie bent u? Hoe komt u hier!’
‘Weet u dan niet dat ik geen sleutel nodig ben?’

Hij slikte heftig, zijn klamme handen bevochtigden het deken. Maar, dacht hij, hij was inderdaad de burgemeester! Met een ruk stond hij op.
Uit de schaduwen van de nacht stapte de gedaante voorwaarts.
Zijn adem stokte en kermend viel hij op zijn knieën. Hij sloot zijn ogen tegen de starende blik van het witte oog. ‘Alstublieft, meneer, alstublieft! De rijken dwongen me, ik wilde het weeshuis niet sluiten! Zij zeggen dat het geld op is, ik volgde slechts hun bevelen op! Doet u mij toch niets, alstublieft.’ Tranen stroomden over zijn wangen.

De volgende ochtend vond mevrouw Tuttel, die koffie, gekookte eieren en de ochtendkrant bij zich droeg, de burgemeester versteend in bed. Bij het zien van het witte oog tussen de gesloten ogen van de man, wist ze dat die nacht gerechtigdheid had gezegevierd.

NEDERLAND ZOEMT!

NEDERLAND ZOEMT! Tel het aantal bijen in je tuin, schrijf op hoeveel verschillende soorten (er zijn namelijk nogal wat en er kunnen wel tot 20 verschillende soorten in je tuin voorkomen), plant bloemen; VEEL bloemen en laat je onkruid staan. O en een bijenhotel kan ook helpen 😃

Ze mogen dan in dit artikel van NU.nl zeggen dat ‘de wereld waarschijnlijk niet vergaat als de bij uitsterft’ en ‘het vooral economisch gezien gevolgen heeft’, maar dat kan mij niet zoveel schelen. We willen toch gewoon niet dat deze mooie beestjes uitsterven?

De afgelopen dagen was het prachtig weer. Ik heb, zonder er op te letten, de afgelopen twee weken al verschillende bijen gezien. Ik ben benieuwd hoeveel ik er zie als ik er wél op ga letten!

Doe jij mee?

foto van Pinterest

Wijde wereld

Vlammen tekenen schaduwen op haar gezicht. Resten van de gezamenlijke maaltijd liggen in de schoot van haar rok. Haar blik staat op oneindig.
Kinderen rennen rond haar, ontlokken haar slechts een verstrooide glimlach. Mannen bewonderen de schoonheid die zijzelf niet ziet. Vrouwen buigen naar elkaar toe om te praten over die rare.
Haar wereld speelt zich af in het vuur. Zij, als buitenstaander in haar eigen gemeenschap, droomt in het warme licht van de wereld daarbuiten.

Maar zoals iedereen in het kamp kruipt zij ’s nachts, onder toeziend oog van de sterren, onder haar deken en valt in slaap.

© Stefanie Schaap

Superbia

Ze liep zelfverzekerd, alsof de wereld van haar was. Haar linkerhand stak in de zak van haar leren jack en ondanks de duisternis, droeg ze een zonnebril. Bij het uitademen verschenen er wolkjes in de lucht. Dat deed me denken aan vroeger en hoe die kou-wolkjes mij een stoer gevoel gaven omdat het leek alsof ik rookte.

Een man stapte uit zijn auto en liep op haar af. ‘Hoeveel?’ vroeg hij.
Gefascineerd keek ik naar het voorval.

Ze duwde de zonnebril naar het puntje van haar neus. Over de rand keek ze hem aan, van pet tot gympen. Daarna keek ze naar zijn auto. ‘Teveel voor jou, makker,’ zei ze en stapte om hem heen.
Zij vervolgde haar weg, hij droop teleurgesteld af en klom in zijn auto.

Honderd meter verderop stapte een man van zijn fiets en liep op haar af. ‘Hoeveel?’
Zij liep door. Over haar schouder zei ze: ‘Veel te veel voor jou.’ Haar gouden oorbellen dangelden heen en weer.
Stampvoetend liep de man naar zijn fiets, stapte op en spurtte weg.

Op een afstandje volgde ik mijn rockster.
Ja, ze was van mij.

Ze sloeg een steeg in. Na een paar meter werd ze staande gehouden door een jongeman. Zelfs in diepere duisternis waren zijn driedelig pak, glimmende schoenen en Rolex aan zijn pols te zien. ‘Hoeveel,’ beval hij.
Ze verstijfde. Slechts een seconde, maar ik zag het.
Ze schoof haar zonnebril omhoog over haar vuurrode haren en keek hem recht in de ogen. ‘Ik ben sexy en zal het geld meer dan waard zijn, als ik zou geloven dat je het me achteraf geeft.’ Ze zette haar zonnebril weer op z’n plek en na een zwaai liep ze verder.
De jongeman keek haar geschokt na.

Ik haastte me langs hem heen. Heupwiegend liep zij voor me uit.

Aan het eind van de steeg bleef ze staan en draaide zich om. ‘En voor jou ben ik te mooi,’ sprak ze verdoemend. Ze wachtte niet op mijn reactie.

Woede laaide in mij op. Ik greep haar lange haren en gaf een ruk. Ze smakte tegen mijn borst, maar gilde niet.
Het mes gleed tussen haar ribben en vond weke delen. Ze ademde oppervlakkig. Haar bloed verwarmde mijn hand en zacht zei ik: ‘IJdelheid siert je niet, mijn rockster.’